My Power4you

FAQ Sitemap Contact

Watchtwoord vergeten
Toestellen in waakstand

1. Zet uw toestellen helemaal uit en niet in waakstand uit

De meeste toestellen hebben een waakstand en blijven stroom verbruiken, zelfs wanneer ze niet in gebruik zijn.

Een gangbare raming onder specialisten over hoeveel stroom een toestel in de waakstand verbruikt, spreekt van 300 Ó 500 kWh per jaar.
De minimum jaarkost van een toestel in waakstand bedraagt dus 300 x 0,13 € = 39 €.

  • Denk eraan uw TV, uw video- en DVD-speler helemaal uit te zetten in plaats van ze enkel met de afstandsbediening in de waakstand te zetten.
  • Een klassiek televisietoestel verbruikt evenveel energie gedurende de 20 uren per dag dat het in waakstand staat als in de 4 uren dat het effectief aan staat.

De minimumkostprijs voor uw portemonnee bedraagt 300 x 0,13 x 3 = 117 €.

2. Trek de stekker uit van bepaalde toestellen

Kleine stroompjes worden grote rivieren. Hetzelfde geldt voor het stroomverbruik. Kleine en gemakkelijke dagelijkse handelingen zullen uw elektriciteitsfactuur met meerdere euro's per maand doen dalen.

  • Als u draadloze toestellen met oplaadbare batterijen gebruikt, zoals een draagbare telefoon of een elektrische tandenborstel, trek dan de stekker uit het stopcontact zodra ze opgeladen zijn.
  • Laat het koffiezetapparaat niet de hele dag aan staan: giet de koffie in een thermosfles om hem warm te houden. Zet uw muziekinstallatie helemaal uit wanneer u er niet naar luistert en zet uw TV helemaal uit wanneer u er niet naar kijkt.

Als u dat niet doet, dan blijven die toestellen nodeloos en nutteloos energie verbruiken.

3. Kies voor stopcontacten met schakelaar

U vreest dat er toestellen zijn die u zult vergeten af te zetten
U wilt tijd winnen.

  • Een eenvoudige oplossing bestaat erin te opteren voor stopcontacten met een schakelaar.

4. Kies uw uitrusting weloverwogen

Koopt u halogeenlampen aan, geef dan de voorkeur aan lampen die op 200 volt werken.

De transformator en "dimmer" van verlichting op lage spanning verbruiken meer.

5. Computers

Sommige toestellen zoals computers verbruiken energie zelfs wanneer ze gewoon aangesloten zijn op het stroomnet. Dan is het beter om de stekker uit te trekken.

Het effect van die uitrustingen is hetzelfde als dat van een waterlek: er wordt voor tientallen euro's per jaar aan energie verbruikt voor niets. Een computer werkt zelden alleen en is doorgaans aangesloten op meerdere nevenapparaten (zoals internetmodem, printer, scanner, luidsprekers) die ook uitgeschakeld moeten worden wanneer ze niet in werking zijn.

  • Wanneer er meerdere apparaten rond een centrale eenheid op het stroomnet aangesloten zijn (dat is bijvoorbeeld het geval voor computermateriaal en "home cinema"-systemen), is het beter om die toestellen allemaal op één en hetzelfde multistopcontact met schakelaar aan te sluiten. Zo kunt u de stroomtoevoer van al die toestellen met één gebaar stoppen.
  • Weet dat flat screens met vloeibare kristallen veel minder verbruiken dan de klassieke beeldbuizen. U realiseert een besparing van 60% op het stroomverbruik in vergelijking met een scherm van dezelfde afmetingen. Hoe groter het scherm, hoe meer het verbruikt.

6. Batterijen

Voor de toestellen die op batterijen werken, kiest u het beste voor oplaadbare batterijen: die zijn zuiniger en milieuvriendelijker. Een set oplaadbare batterijen kost, de hele levensduur in acht genomen, 26 tot 30 maal minder dan de wegwerpbatterijen.
Bovendien slorpt de productie van de wegwerpbatterijen 50 Ó 500 maal meer energie op uit de natuur dan diezelfde batterijen in hun hele levensduur zullen leveren.

De koelkast en de diepvriezer

1. Maak het niet te warm in de ruimte waar uw koelkast staat.

Het verbruik van de koelkast staat immers in verhouding tot de omgevingstemperatuur.
Als de temperatuur van de ruimte bijvoorbeeld 18 ░C in plaats van 23░ C bedraagt, zal uw koelkast 38 % minder verbruiken.

2. Help uw koelkast een handje

  • Dek alle bereide gerechten af zodat er geen vocht uit kan ontsnappen. Dat vocht kan immers een laagje ijs doen ontstaan in het toestel.
  • Zet nooit voedingswaren die nog warm zijn in de koelkast.
  • Ontdooi uw diepgevoren voedingswaren in uw koelkast. Dat bevordert de koeling.
  • Bewaar in uw koelkast geen voedingsmiddelen die ongekoeld bewaard mogen worden: onaangebroken flessen, potjes en blikken.
  • Laat de deur zo kort mogelijk openstaan. Anders dringen warmte en vochtigheid de koelkast binnen.
  • Stel uw thermostaat af op een middelmatige temperatuur: het is niet nodig om lager te gaan dan 4 Ó 5 ░C voor een goede bewaring van de voedingsproducten.
  • Als uw koelkast niet is ingebouwd, maak dan regelmatig de condensatieleidingen aan de achterkant van het toestel schoon.
  • Waak over de lekdichtheid van de deur van uw koelkast en diepvriezer. Een tip: stop een blad papier tussen de deur wanneer u ze sluit. Als u het blad van tussen de gesloten deur kunt trekken, dan is de deur te los. Vervang de sluitrand en u zult ongeveer 10% stroomverbruik minder kunnen optekenen voor uw koelkast en uw diepvriezer.
  • Bent u meer dan 3 dagen afwezig, schakel dan uw toestellen uit.

3. Ontdooi koelkast en diepvriezer

De productie van huishoudelijke koeling vertegenwoordigt een aanzienlijk deel van het elektriciteitsverbruik. Men schat het op ongeveer 450 KWH per jaar, wat neerkomt op een jaarlijkse kost van 59 €.

Ontdooi uw diepvriezer en koelkast regelmatig want een laagje ijs isoleert.

  • 5 mm ijs = 30 % meer verbruik.
  • 1 cm ijs = 75 % meer verbruik.

4. Bespaar uw diepvriezer werk

Grosso modo zijn de principes die voor een koelkast gelden, ook van toepassing voor een diepvriezer.

  • Als u de voedingsmiddelen goed ordent, kunt u de deur minder lang open laten en dus energie besparen.
  • Open uw diepvries niet als er een stroomonderbreking is. Als de onderbreking niet langer dan 24 uur duurt, zal de temperatuur van uw diepvriezer onder het vriespunt blijven.
  • Vermijd om de diepvriezer half leeg te laten. Dan is er minder luchtvolume dat diepgevroren wordt.
  • Laat de deur zo kort mogelijk openstaan. Anders dringen warmte en vochtigheid de koelkast binnen.
  • Zet nooit voedingswaren die nog warm zijn in de diepvriezer.
  • Regel uw thermostaat op het minimum: - 18 ░C voor uw diepvriezer.
  • Plaats uw diepvriezer niet naast een warmtebron, maar zet hem liever in een koele ruimte (kelder, garage, washok,...).
  • Let erop dat uw diepvriezer op enkele centimeters van de muur staat.
  • Een horizontale diepvriezer verbruikt 15% minder dan een verticale diepvriezer.
Koken

1. Gebruik uw kookplaat optimaal

Elektrische kookplaten: inductieplaten zijn duurder bij aankoop, maar ondanks dat zijn ze de meest spaarzame (40% minder verbruik).

  • Hebt u een elektrische kookplaat, maak dan gebruik van de restwarmte en zet uw kookplaat uit voordat uw bereiding klaar is.
  • Kook met weinig water. Groenten en aardappelen hoeven slechts met een derde water te worden bedekt.
  • Plaats bij het koken de deksels op uw potten (50% energiebesparing). Zonder deksel duurt het driemaal langer voor het water kookt.
  • Pas de grootte van uw kookpot aan de diameter van uw kookplaat aan om energieverlies te vermijden.
  • Met drukkookpannen (snelkookpannen) en kommen met inzetlagen bespaart u meer dan 50% van de energie.
  • Een schotel waarin de voedingsmiddelen in laagjes boven elkaar zijn geschikt, gaart minder snel.

2. Oven: niet te heet

De gasovens zijn de meest energiezuinige ovens. Zet de verwarming in de keuken af en laat de ovendeur niet open staan wanneer de oven in werking is.

  • Zet uw oven uit voor het einde van de gaartijd. Met de restwarmte gaart uw bereiding verder.
  • Gebruik de grill niet onnodig. De grill kan het verbruik zelfs verdubbelen.
  • Plaats de oven niet naast de koelkast of diepvriezer.
  • Een heteluchtoven warmt sneller op.

3. Microgolfoven: voor te behouden voor het opwarmen van schotels, maar niet voor de bereiding van gerechten

  • Kleine hoeveelheden vloeistof (een beker melk of een glas water) warmt u sneller en energiezuiniger op in een microgolfoven.
  • Denk eraan om uw diepgevroren voedingsproducten vooraf uit de diepvriezer te halen of ze te laten ontdooien in de koelkast en ontdooi ze niet in de microgolfoven.
  • Met een microgolfoven bespaart u 75% energie in vergelijking met een traditionele oven.
Verwarming

De verwarmingskosten vertegenwoordigen gemiddeld 75 % van uw energiefactuur.

Enkele inspanningen op dit vlak kunnen het bedrag van die factuur dan ook aanzienlijk verminderen.

Om zich te verwarmen, verbruikt een gezin gemiddeld 2.500 liter stookolie (of 2500 m│ aardgas) per jaar. Gezien de huidige energieprijs is een zuinig energieverbruik dus des te wenselijker!

Gezien over een heel leven kunnen de besparingen die een gezin op de uitgavenpost "verwarming" kan realiseren, zelfs oplopen tot de helft van de prijs van een huis.

1. Laat de zon binnenschijnen

Open 's morgens alle zonnebarriŔres en benut de warmte die via de ramen aan de zonnekant naar binnen komt. Die zonnewarmte is helemaal gratis!

2. Schuif Ĺs nachts de gordijnen dicht

Sluit Ĺs nachts uw gordijnen, stores en luiken. Op die manier houdt u een groot deel van de warmte binnen.

Enkele berekeningen:

Besparing = 750 €/jaar (jaarlijkse kostprijs voor de verwarming van een appartement) X 0,13 (energieverlies via de ramen) X vermindering van het energieverlies

Enkele voorbeelden:

  • Voor een raam met enkele beglazing kan een luik het energieverlies met 25 % verminderen, wat neerkomt op een winst van 24 Ó 57 € per jaar.
  • Voor een raam met dubbele beglazing kan een luik het energieverlies met 60 % verminderen, wat neerkomt op een winst van 58 Ó 136 € per jaar.

3. Houd de ruimte rond uw radiatoren vrij

Plaats niets voor uw radiatoren of convectoren en bedek ze ook niet.

Anders verhindert u de verspreiding van de warmte die de radiatoren afgeven.

Daarnaast dient u ook het verwarmingselement van de radiatoren en convectoren af te stoffen om op die manier een daling van het rendement van de afgegeven warmte te vermijden.

4. Denk ook aan de achterkant van uw radiator

Kleef een met aluminiumfolie bekleed paneel achter uw radiator. Het reflecterende deel van de isolerende aluminiumfolie dient daarbij naar de radiator gericht te zijn. Deze panelen reflecteren de door de radiatoren afgegeven warmte in de richting van de ruimte en niet van de muur. Zo kunt u uw verlies aan warmte met 70 % verminderen.

Besparing = 1.750 €/jaar (jaarlijkse kostprijs voor verwarming) X 0,05 (energieverlies 5 %) X 0,7 (vermindering van het energieverlies) = 61 € per jaar.

5. U gaat weg? zet de verwarming af!

De temperatuur van een ruimte Ĺs nachts tot 15 Ó 16░C laten zakken, helpt u om ongeveer 13 % (= 97 Ó 227 € per jaar) op uw totale verwarmingsfactuur te besparen.

Als u de verwarming overdag ook op stand-by kunt zetten, wanneer u niet thuis bent, bespaart u zelfs 24 % (= 180 Ó 420 €2 per jaar).

Om de verwarming Ĺs nachts en tijdens periodes van afwezigheid uit te schakelen, kunt u een omgevingsthermostaat met timer gebruiken.

Opmerking: Laat de temperatuur echter nooit tot onder de 14░C zakken om condensatieproblemen te vermijden.

6. Stel uw thermostaat goed in

Een thermostaat is een goed regelinstrument op voorwaarde dat hij goed gebruikt wordt.

Zo stemt een verlaging van uw thermostaat met één graad overeen met een vermindering van uw verbruik met ongeveer 6% (= 45 Ó 122 € besparing per jaar).

U dient er dus voor te zorgen dat u een temperatuurinstelling kiest, die aan het gebruik van de ruimte is aangepast:

  • 18░C in de keuken.
  • 19░C Ó 22░C in de leefruimten.
  • 16░C Ó 18░C in de slaapkamer.
  • 16░C in de gang, de traphal en het toilet.

Daarnaast raden we u ook aan om de deuren van ruimtes die weinig of niet verwarmd worden, goed te sluiten om te vermijden dat de koude van die ruimtes zich naar andere ruimtes kan verspreiden.

In diezelfde optiek moet u er ook voor zorgen dat de deuren tussen de leefruimten en de gangen altijd goed gesloten zijn.

7. Verlucht uw huis

Een droog huis verwarmen, gaat sneller en is goedkoper. Dat is ook de reden waarom we u aanraden uw huis goed te verluchten om op die manier vocht af te voeren.

Dat betekent echter niet dat u uw ramen voortdurend open moet zetten.

Uw huis 15 minuten per dag verluchten, nadat u alle radiatorkranen dichtgedraaid hebt, is ideaal.

Eenmaal u uw huis kort verlucht hebt, zult u het snel opnieuw kunnen verwarmen omdat de muren niet de kans gekregen zullen hebben om af te koelen (een muur verwarmen, duurt 1.000 keer langer dan omgevingslucht verwarmen).

Daarnaast heeft het verluchten ook een positieve invloed op uw gezondheid.

Vocht bevordert immers de ontwikkeling van huisstofmijt, kakkerlakken en schimmels die ademhalingsallergieŰn kunnen veroorzaken.

8. Doe het zonder airconditioning!

Zulk een installatie verbruikt tweemaal meer elektriciteit dan 3 wascycli per week.

Als u geen airconditioning plaatst, vermijdt u een stijging van uw jaarlijkse elektriciteitsfactuur met 25%.

9. Zorg voor goede isolatie

Isoleer de verwarmingsbuizen die door niet verwarmde ruimtes lopen.

Per meter niet-ge´soleerde verwarmingsbuis gaat jaarlijks naar schatting tot 6 liter stookolie (of 6 m│ gas) verloren.

Voor 10 meter kost u dat: 31 € (6 l x 10 x 0,516 €/l) aan stookolie of 26 € (6/9 x 10 x 3,9 €/KWh) aan gas.

Breng in de winter ook isolerende materialen aan de onderkant van deuren en in de buurt van oude raamkozijnen aan om te voorkomen dat de koude van buiten de woning binnen kan dringen.

10. Ontlucht en onderhoud uw verwarmingsketel

Ontlucht de radiatoren. Anders zult u veel langer moeten verwarmen om de gebruikelijke omgevingstemperatuur te halen.

Zorg ook voor een regelmatig onderhoud van uw radiatoren en verwarmingstoestellen, d.w.z. om de twee jaar voor gasinstallaties en elk jaar voor installaties die op stookolie of hout werken (elk jaar voor stookolieketels sinds 1978).

Een slecht afgestelde brander zal uw verbruik immers met 20 % doen toenemen!

En ook een roetlaag van 1 mm op de verwarmingsoppervlakken zal uw verbruik met 3 % doen toenemen.

Zet uw verwarmingsinstallatie helemaal uit tijdens de zomermaanden. Op een week tijd zult u bijna 5 m│ gas besparen.

11. Verwarming: Maak de juiste keuze

Aardgas en stookolie zijn de twee goedkoopste vormen van energie om uw woning mee te verwarmen. Deze vormen van energie zijn ongeveer 3 keer goedkoper dan elektriciteit.

Aanvullende elektrische radiatoren kunt u gebruiken om een badkamer te verwarmen, omdat ze snel verwarmen en u op die manier niet alle vertrekken van een woning onnodig hoeft te verwarmen.

De eigen woning volledig met losstaande elektrische radiatoren verwarmen, is echter geen goed idee. Omdat deze toestellen ongeveer 1.500 Ó 2.000 watt verbruiken, kost het laten branden van een dergelijk toestel gedurende 2 uur u ongeveer 97 Ó 130 € per jaar.

Spaarzaam verlichten

1. Doe het licht uit als je een kamer verlaat

U doet er goed aan het licht te doven wanneer u een ruimte niet gebruikt.
Het uitzetten en aanzetten van het licht leidt niet tot meer energieverbruik.

Even rekenen:
Veronderstel dat u gedurende 2 uur per dag het licht laat branden (3 lampen van 60 W).
Op jaarbasis kost u dat:

60 W x 3 x (0,13€ /1000) X 2u x 365 dagen = 17 €/jaar.

0,13 € is de kostprijs van een KWH. Deze prijs kan verschillend zijn naar gelang van de verdeler. 0,13 € situeert zich in het lagere gemiddelde.

2. De mythe van de neonlampen

Uw tl-lampen laten branden is niet spaarzamer dan ze uitschakelen en weer inschakelen wanneer u de kamer terug binnenkomt.
Er is wel een piekstroom nodig om een tl-lamp aan te steken, maar dat meerverbruik duurt slechts een fractie van een seconde en verrechtvaardigt in geen geval dat u de lamp zou laten branden wanneer u een ruimte verlaat.

3. Laat je muren stralen

Wist u dat de kleur van uw muren een invloed kan hebben op uw elektriciteitsfactuur?

 

Kies lichte kleuren voor uw interieur. Ze weerkaatsen het licht. Gebruikt u donkere kleuren, dan zal u meer kunstlicht nodig hebben.

 

 

4. Benut zoveel mogelijk het natuurlijke licht

Profiteer zoveel mogelijk van de zonnestralen. Ze kosten niets.

5. Gebruik een timer

Vergeet u wel eens dat het licht nog brandt, dan zijn er toestelletjes die verspilling kunnen helpen vermijden.

 

Plaats een timer in uw garage, gang of kelder.

 

Na een bepaalde tijd wordt het licht automatisch gedoofd.

 

6. Gebruik spaarlampen

De eerste spaarlampen waren heel groot en niet erg esthetisch van vorm. Dat is nu sterk veranderd.
De nieuwe generatie spaarlampen is kleiner en peervormig. De kleur van het licht dat ze verspreiden, is aangenamer.

Spaarlampen verbruiken 5 tot 10 keer minder en gaan tot 20 keer langer mee.
Ze zijn wel duurder bij aankoop, maar zijn onbetwistbaar rendabeler.

Enkele types van spaarlampen:

  • halogeenlampen met reflecterende infrarode laag = - 30%
  • halogeenlamp (300 W) met metaaldamp lampen = - 75%.
  • Led = -80%.
Beiden worden normaal niet als spaarlampen benoemd (alleen de fluo compact).

Even rekenen:

Als ik lampen van 60 W vervang door gelijkwaardige fluocompacte lampen (15 W) en ze 4u/dag gebruik, bespaar ik op jaarbasis:

Verbruik van een klassieke lamp:
60 W x 5 x (0,13 €/1000) x 4u x 365 = 56,94 €/jaar

Verbruik van een spaarlamp:
15 W x 5 x (0,13 €/1000) x 4u x 365 = 14,24 €/jaar

Op jaarbasis bespaar ik dus 42,7€/jaar.

Als ik lampen van 60 W vervang door Led (5 W) en ze 4u/dag gebruik, bespaar ik op jaarbasis: 

Verbruik van een LED:
5 W x 5 x (0,13 €/1000) x 4u x 365 = 4,75 €/jaar
 

Op jaarbasis bespaar ik dus 52,2€/jaar. 

Om mijn netto-besparing te kennen, moet ik van mijn besparing op jaarbasis het prijsverschil aftrekken tussen een klassieke lamp en een spaarlamp.

Vandaag de dag vind je verplicht een energielabel of een verbruiksindicatie op alle lampen. De meeste spaarlampen dragen een A- of B-label, de halogeenlampen krijgen een C- of D-label, de klassieke gloeilampen krijgen een E, F of G.

7. Verlicht enkel wat verlicht moet worden

Wilt u lezen, kies dan voor plaatselijke verlichting. Het heeft dan geen zin om de hele ruimte te verlichten.

8. Maak uw lampen en lampenkappen schoon

Donkerkleurige lampenkappen absorberen licht.

 

Daarenboven bieden lampen, lampenkappen en gordijnen die geregeld worden schoongemaakt, een beter lichtrendement.

 

9. Richt uw huis "lichtbewust"in

Als u bouwt of verbouwt: natuurlijke lichtpunten (zoals koepels, dakvensters, e.a.) voorzien zorgt voor aanzienlijk meer natuurlijk licht in de woning en biedt u de mogelijkheid om het natuurlijke daglicht maximaal te benutten.
In plaats van een grote halogeenlamp van 150 watt aan het plafond te hangen, doet u er beter aan om meerdere kleine lampen met minder verbruik in de 4 hoeken van de kamer te voorzien.
Let erop dat u geen lamp hangt in een verborgen hoek, achter een meubel of voor een venster: het licht van die lamp zou voor een groot deel verloren gaan en u zou toch nog andere lampen moeten inschakelen.

Het huis onderhouden: wassen, drogen, strijken

1.Kies uw huishoudproducten weldoordacht

Het huis onderhouden is duur, maar u kunt ook niet zonder want dan verloedert alles heel snel. Hoe kiest u de goede producten om te gebruiken?

Hierna volgen enkele tips om het huis spaarzaam, milieuvriendelijk en slim proper te houden:

  • Kies uw producten voorzichtig: baseer u altijd op de prijs per liter (of per kg) en laat u niet vangen aan de promotiepakketten.
  • Laat u niet vangen aan de wondermiddelen die de fabrikanten promoten en op de markt brengen als trendy producten die dubbel zo duur zijn.
  • Vermijd tegen elke prijs de fameuze reinigingsdoekjes, die niets meer zijn dan vodden die in zeep gedrenkt zijn, overmatig veel kosten en supervervuilend zijn (want niet biologisch afbreekbaar).
  • Kies voor de grote verpakkingen, let erop dat ze effectief goedkoper zijn en gebruik zoveel mogelijk de navulpakken (want een niet te verwaarlozen deel van de prijs die u betaalt, is voor de verpakking).
  • Ontkalk en ontsmet de keuken en de badkamer met witte azijn (die soms duurder verkocht wordt in de vorm van biologische schoonmaakazijn). U kunt alles reinigen met witte azijn: chroomoppervlakken en kranen, het strijkijzer, de waterketel, porselein kopjes, ruiten, spiegels en brilglazen...
  • Maak zelf uw schoonmaakproducten die tot 10 maal goedkoper zullen zijn door bijvoorbeeld natriumbicarbonaat te gebruiken in het schoonmaaksop voor het ontgeuren en ontsmetten van vuilnisbakken en koelkasten... of los 150 gram Marseillezeep op in 3 liter water voor een vloeibaar reinigingsmiddel...

2. Gebruik uw vaatwasser met mate

Laat uw vaatwasser alleen werken als hij vol is. Als uw hoeveelheid vaat kleiner is, doe dan de vaat met de hand en gebruik het water enkel om de vaat te spoelen (40 Ó 70€/jaar besparing).

  • Laat uw vaatwasser alleen draaien wanneer hij vol is.
  • Hebt u niet genoeg vaat voor een volledig geladen toestel, gebruik dan het voorwasprogramma.
  • Haal na de maaltijd de etensresten en sausresten van de vaat met een spatel of keukenpapier.
  • Spoel grote stukken die niet erg vuil zijn onder koud water.
  • Ontdoe de bodem van erg vuile kookpotten eerst van het ergste vuil om energie te besparen.
  • Gebruik altijd het aangepaste programma. Een spaarprogramma met lage temperatuur is snel en zuinig. Gebruik het programma voor intensief wassen alleen als uw vaat heel vuil is.
  • Gebruik niet te veel vaatwasproduct, reinig regelmatig de filter en gebruik af en toe een product tegen kalkaanslag.
  • Laat de vaat aan de lucht drogen en vermijd het gebruik van de droogfunctie.

3. Gebruik uw wasmachine met mate

In een wascyclus is het water opwarmen de fase die de meeste energie opslorpt.

  • Was op de laagst mogelijke temperatuur: er zijn tal van wasproducten die efficiŰnt zijn op lage temperatuur en een cyclus op 90░C verbruikt driemaal meer energie dan een was op 40░C.
  • Twee halfvolle machines laten draaien is duurder dan één volle machine wassen. Door bakken voor wasgoed in de badkamer te voorzien, kan iedereen zijn kleding al sorteren bij het uitkleden. En de machine laat u draaien wanneer de bak vol is.
  • Vul de trommel voldoende maar overdrijf niet. Een trommel is correct gevuld als er tussen het wasgoed en de bovenkant van de trommel nog plaats is voor uw hand.
  • Te veel schuim vermindert het vermogen van de wasmachine. U doet er dus goed aan om niet te veel waspoeder te gebruiken.
  • Kies een aangepast programma. Het voorwasprogramma is alleen noodzakelijk als uw wasgoed erg vuil is.
  • Onderbreek de wascyclus net voor het spoelen en voeg dan in de trommels de delicate kleren bij die minder lang in de machine moeten blijven. Zo vermijdt u een apart programma te moeten in werking zetten voor die kleding.
  • Sluit uw wasmachine aan op het regenwatercircuit. Dat betekent minder kalk en dus dat u minder wasproduct moet gebruiken.
  • Ontkalk uw machine geregeld en maak regelmatig de filters schoon.
  • Zet uw wasmachine uit na elk gebruik.

4. Maak minder gebruik van de droogkast

De droogkast is een toestel dat duur is, veel energie opslorpt (namelijk 2 Ó 3 maal meer dan een wasmachine op een jaar tijd) en die enkel onmisbaar is in grote gezinnen.

  • Gebruik uw droogtrommel alleen als het niet anders kan. Eén "kastdroge" droogbeurt per week kost u tussen 20 en 27 € per jaar.
  • Condensatietoestellen verbruiken iets meer energie. Als u een afvoergat hebt, kies dan liever voor een toestel met evacuatie.
  • Droogtrommels met een elektronische sensor verbruiken minder omdat ze stoppen wanneer het wasgoed het gewenste droogpeil heeft bereikt.
  • Goed gecentrifugeerd wasgoed droogt sneller.
  • Laat wasgoed dat nog gestreken moet worden niet te lang drogen. Dat is verspilling.
  • Maak de filter van de droogtrommel regelmatig schoon.
  • Kies het goede programma. Synthetisch materiaal droogt sneller dan linnen of katoen.
  • Overlaad uw droogtrommel niet.
  • Plaats uw droogtrommel in een goed verluchte en liefst niet verwarmde ruimte. Dat vermindert de droogtijd, maar ook het risico voor schimmelvorming door de vochtigheid.

5. Vergeet het strijken niet!

  • Stoomstrijkijzers strijken sneller en zijn dus zuiniger.
  • Met een warmtereflecterende hoes bespaart u energie.
  • Haal de stekker van het strijkijzer uit het stopcontact zodra u stopt met strijken. U bespaart energie en het is ook veiliger.

6. En vergeet ook de stofzuiger niet...

  • Verwissel geregeld de stofzak, want met een overvolle zak verbruikt de stofzuiger meer energie en verliest hij aan zuigkracht en efficiŰntie.
Water besparen in de badkamer

Gemiddeld verbruiken we 40 Ó 80 liter warm water per persoon per dag. Voor een gezin komt dit overeen met minstens 10 Ó 20 % van het jaarlijkse energieverbruik van de verwarmingsinstallatie van de woning.

De basisregel voor een zo laag mogelijk energieverbruik: het warme water direct produceren wanneer we het nodig hebben en de opslag ervan vermijden.

Voor advies over het warmwaterproductiesysteem dat het best aan uw behoeften tegemoetkomt, kunt u terecht bij de energieloketten.

1. De douche en het bad

Een douche verbruikt 30 Ó 40 liter water ten opzichte van 100 Ó 130 liter voor een bad.

  • Met het water dat we voor een bad nodig hebben, kunnen we dus 3 douches nemen.
  • Installeer een spaardouchekop. Die is niet duur en vermindert het debiet van het water. Daarmee kunnen we het waterverbruik naar schatting nog eens met 40 Ó 50% verminderen.
  • Twee kinderen kunnen samen een bad delen, zo bespaart u 50%.

2. De kranen

  • Spoor lekken op: zie toe op de goede staat van de afdichtingen van kranen. Een warmwaterkraan die lekt, is immers een grote bron van energieverspilling.
  • Draai uw kranen niet voor elk gebruik helemaal open.
  • Kies voor moderne mengkranen die u kunt dichtdraaien zonder dat u ze daarna opnieuw moet afstellen.
  • Beperk het watervolume in de WC-spoeling door een baksteen in de waterbak te leggen of installeer een spoeling met twee snelheden (▒ 65€ besparing/jaar voor een gezin met 4 personen).
  • Laat het water niet continu stromen wanneer u uw handen wast, terwijl u uw tanden poetst, terwijl u zich inzeept.

3. De warmwaterinstallatie

Over het algemeen wordt warm water tot een overdreven hoge temperatuur verwarmd. In de meeste gevallen is een temperatuur van 40 Ó 50░C ruimschoots voldoende.

  • Zorg ervoor dat de temperatuur van het warme water in de warmwaterinstallatie zo ingesteld is dat het niet vermengd hoeft te worden met al te veel koud water, want ook dat is verspilde energie.
  • Opteer voor een gasinstallatie zonder waakvlam. Het verbruik van die waakvlam bedraagt ongeveer 120 m│ per jaar.
  • Mocht u uw installatie vervangen, let er dan ook op dat uw nieuwe installatie een capaciteit heeft die optimaal aan de behoeften van uw gezin is aangepast.

4. De boiler

De aanbevolen opslagtemperatuur in de boiler is 55░C om zodoende de ontwikkeling van bacteriŰn of een bovenmatige kalkaanslag te vermijden.

Als u een elektrische boiler heeft, raden we u aan om de stroomtoevoer naar uw boiler uit te schakelen, wanneer er langer dan 24 uur niemand thuis is. Zo vermijdt u het verbruik dat nodig is om de temperatuur constant te houden.

Regelmatig moeten elektrische boilers, boilers van verwarmingsketels en warmwaterinstallaties ook ontkalkt worden: kalkaanslag vermindert immers het rendement van deze toestellen.

5. De verluchting van badkamers

Voor badkamers en keukens die met een warmwaterinstallatie op gas zijn uitgerust, is een goede verluchting onontbeerlijk. Daarbij moet u voor een toevoer van verse lucht van minstens 150 cm│ zorgen. Zoniet is de kans op koolstofmonoxidevergiftiging (CO) reŰel, als het toestel niet op een schouw is aangesloten of als de schouw voor een onvoldoende afvoer zorgt.

Koolstofmonoxide is een geurloos, kleurloos en smaakloos gas dat bij inademing dodelijk kan zijn.

De eerste symptomen van koolstofmonoxidevergiftiging zijn hoofdpijn, braken, enz.
Wanneer het om een eerste installatie gaat, opteert u dan ook best voor een warmwaterinstallatie met waterdicht trekgat.

Zo vermijdt u elk risico op koolstofmonoxidevergiftiging en komt u bovendien in aanmerking voor een gewestelijke premie.

Elektrische apparaten

U moet weten dat het verbruik van de elektrische toestellen ongeveer 20% vertegenwoordigt van elektriciteitsfactuur van de gezinnen.

Ze worden geklasseerd op een schaal van A tot G. Voor u een apparaat koopt, controleert u best eerst even het energieverbruik ervan.

energie

  • Geef de voorkeur aan toestellen van "klasse A", die minder energie verbruiken. Ze zijn niet altijd duurder in aankoop, maar zeker zuiniger in verbruik en zullen daarom op termijn rendabeler zijn.
  • De rubriek energieverbruik in kWh zal u een duidelijk beeld geven van de energiekost van het apparaat.
  • Een A ++ toestel verbruikt 20 % minder energie dan een A+ toestel.

Koelkasten als voorbeeld:

  • De huidige koelkasten verbruiken gemiddeld 40% minder energie dan de modellen van 15 jaar geleden.
  • Dat verschil kan tot 60 % oplopen voor de best presterende modellen, wat u een jaarlijkse besparing van 30 Ó 50 € oplevert.
  • Afgezien van deze meer technische aspecten kiest u ook best voor een toestel waarvan de grootte afgestemd is op uw behoeften.
Investeren om te besparen

Er zijn verschillende soorten van investeringen mogelijk die u kunnen helpen om energie te besparen.

1. Isolatie

Er zijn verschillende soorten van investeringen mogelijk die u kunnen helpen om energie te besparen.

1 a. Nieuwbouw of renovatie

Wanneer u een nieuwe woning bouwt of een bestaande woning renoveert, is het belangrijk dat u daarbij de volgende elementen voorziet:

  • Een goede isolatie van dak, muren, vloeren en buitendeuren.
  • Superisolerende ramen met dubbele beglazing en goed ge´soleerde raamkozijnen.
  • Zogenaamde "bufferzones" (zolders, bijvertrekken, bergplaatsen, werkplaatsen, verandaĺs, enz.) die de eigenlijke woonvertrekken beschermen.

1.b Wat is de K-waarde?

De "K"-waarde drukt de totale thermische isolatiewaarde van een woning uit.

Hoe lager deze waarde, hoe beter ge´soleerd een woning is.

Op dit ogenblik geldt voor nieuwbouwwoningen dat ze een K-waarde van minder dan 55 moeten hebben.

Aanbevolen wordt echter een K-waarde van 45.

Ter vergelijking: een woning uit de jaren ĺ70 die helemaal niet ge´soleerd is, heeft een K-waarde van ongeveer 180!

Verschillende elementen kunnen thermisch ge´soleerd worden, zoals:

  • de muren;
  • het dak;
  • de vloeren;
  • de buizen.

Investeren in het energierendement van uw eigen woning, zal u op termijn echter zeker geen windeieren leggen.

Hierdoor kunt u immers de kosten van uw energieverbruik tot 40 % verminderen.

2. Thermostatische radiatorkranen en thermostaat

Voorzie uw verwarmingsinstallatie van een thermostaat en thermostaatkranen.

Als deze goed afgesteld zijn, kunnen ze uw energiefactuur met 15 Ó 25% helpen verminderen.

3. Zorg voor onderhoud van uw verwarmingsketel

Een verwarmingsketel moet regelmatig onderhouden worden.

Hierdoor kunt u 3 Ó 5 % brandstof besparen en garandeert u uw eigen veiligheid.

4. Vervang uw verwarmingsketel

Als uw verwarmingsketel ouder is dan 20 jaar, kunt u overwegen om uw ketel te vervangen.

Het verbruik van nieuwe verwarmingsketels is immers veel kleiner en hierdoor kunt u aanzienlijk wat geld besparen en zorgt u er tegelijkertijd ook voor dat u minder vervuilt.

Maak gebruik van de aangeboden premies.

Voor een hele waaier energiebesparende investeringen worden er elk jaar door de Gewesten premies toegekend.

Bovendien kent de federale overheid in het kader van dergelijke investeringen ook bepaalde fiscale voordelen toe.

5. Een goede nieuwe verwarmingsketel kiezen

Hierbij hebt u de keuze uit:

  • Een stookolieketel met het Europese CE-label of het private OPTIMAZ-label.
  • Een gasketel met het Europese CE-label of het private HR+- (lage temperatuur), HP TOP- (condensatie) of HR-label.
  • Een houtketel die aan de Europese normen voldoet (EN12809 en EN303-5)

Opteer voor een ketel waarvan de grootte optimaal is aangepast aan de behoeften van uw woning.

Voor een evaluatie kunt u terecht bij de energieloketten.

Ten slotte dient u ook na te gaan of de productie van sanitair warm water al dan niet gekoppeld dient te worden aan de verwarmingsketel. Het antwoord op die vraag zal ook afhangen van de afstand tussen de verwarmingsinstallatie en de badkamer. Als die afstand meer dan 8 meter bedraagt, wordt een ontkoppeling aanbevolen.

6. Nieuwe radiatoren kiezen

Als u een nieuwbouwwoning optrekt of een bestaande woning renoveert, investeer dan in enigszins te grote radiatoren.

Hierdoor bent u namelijk zeker van een snelle herstart van uw verwarmingsinstallatie, wat het comfort aanzienlijk zal verhogen zonder dat u daarom echter meer energie zult verbruiken.

Voor een gedetailleerde evaluatie van de offertes van uw verwarmingstechnicus kunt u bij de energieloketten terecht.

Hernieuwbare energie

Ter vervanging of aanvulling van fossiele brandstoffen kunt u door hernieuwbare energie te gebruiken aanzienlijke besparingen verwezenlijken en tegelijkertijd ook een eigen bijdrage leveren aan een vermindering van de vervuiling.

Bovendien zorgt de ontwikkeling van netwerken voor hernieuwbare energie ook voor de creatie van duurzame lokale werkgelegenheid en een bijdrage aan de algemene economische dynamiek.

Er zijn verschillende oplossingen:

  • zonneboilers;
  • zonne-elektriciteit;
  • zonneverwarming;
  • houtverwarming;
  • warmtepompen.

Hoewel deze verschillende mogelijkheden aanvankelijk weliswaar een bepaalde kostprijs hebben, zult u die initiŰle investering zonder meer terugverdienen en zijn deze installaties op termijn rendabel.

Verder dient opgemerkt dat de overheid voor dit soort van investeringen ook premies toekent.

1. Zonneboilers

Op het dak van de woning geplaatste zonnecollectoren zetten opgevangen zonlicht om in warmte en geven deze door aan een waterreservoir.

Als het water hierdoor onvoldoende verwarmd kan worden, zorgt het traditionele verwarmingssysteem automatisch voor de benodigde extra warmte. Deze technologie heeft haar nut ondertussen in heel Europa al bewezen.

De standaardgrootte voor een zonnecollector voor gezinsgebruik ligt tussen 4 Ó 6 m▓: U dient dus over een goed georiŰnteerd en voldoende groot dakoppervlak zonder schaduw (tussen het zuidwesten en het zuidoosten) te beschikken.

Aangezien het sanitair warm water opgeslagen dient te worden, dient u ook over voldoende plaats te beschikken voor de installatie van een reservoir van 200 Ó 300 liter. Dat is in de meeste eengezinswoningen en in tal van appartementen technisch gezien echter geen enkel probleem.

2. Zonne-elektriciteit

Een installatie die lichtstralen in elektriciteit omzet, wordt een "fotovolta´scheö installatie genoemd. De recente installaties die op basis van dit fenomeen werken, zijn erg doeltreffend en volledig betrouwbaar.

Fotovolta´sche energie is ook aangepast aan het leven in een stedelijke omgeving. Door een tiental vierkante meter fotovolta´sche collectoren op uw dak te plaatsen, kunt u immers voldoende elektriciteit opwekken om in alle elektriciteitsbehoeften van uw gezin te voorzien.

Met 10 m▓ aan fotovolta´sche panelen en een zuinig energieverbruik kan dan weer bijna 40 % van uw elektriciteitsverbruik gedekt worden. En dat gratis en zonder aan uw comfort te raken.

3. Zonneverwarming

Een zonneverwarmingsinstallatie bestaat uit een aantal thermische zonnecollectoren die doorgaans op het dak of op een afdak geplaatst worden. Deze techniek lijkt overigens sterk op degene die bij zonneboilers gebruikt wordt.

Daarbij absorberen de collectoren zonnestralen en zetten deze om in warmte en net zoals bij zonneboilers wordt ook hier de warmte in een waterreservoir opgeslagen. Het water wordt dan vervolgens gebruikt om een woning te verwarmen via grote warmteuitwisselingsoppervlakken.

Afgezien van hun bijdrage aan de verwarming van een woning kan met een dergelijke installatie ook voorzien worden in de meeste behoeften aan sanitair warm water. Net zoals bij de andere technieken voorziet dit "gecombineerd systeemö echter niet in de totaliteit van de verwarmingsbehoeften van een woning, maar gaat het veeleer om een aanvullend systeem voor een bestaande installatie.

Een traditionele verwarmingsinstallatie blijft dus noodzakelijk.

4. Houtverwarming

Als u een bestaande verwarmingsketel moet vervangen, kunt u ook voor een moderne ketel op houtkorrels opteren, die ook vaak pellets genoemd worden.
Deze zijn volledig natuurlijk en worden van zaagsel vervaardigd zonder toevoeging van enig additief.

Verwarmingsketels die op pellets werken, zijn volledig automatisch en bieden een even groot comfort als een installatie op stookolie. De brandstof wordt één keer of meerdere keren per jaar geleverd, afhankelijk van het beschikbare opslagvolume. Bovendien is dit systeem zuiniger dan een traditionele verwarmingsinstallatie.

Individuele verwarmingstoestellen op hout, zoals inzethaarden en houtkachels, worden dan weer vaak als aanvullende verwarmingssystemen gebruikt.

Gezien de stijging van de prijs van stookolie en aardgas worden ze echter ook steeds vaker als hoofdverwarmingssysteem in woonvertrekken gebruikt. De laatste jaren is er ook een nieuwe generatie apparaten op de markt verschenen, waaraan de voorkeur gegeven dient te worden. Hierbij dient opgemerkt dat naast houtkachels die op houtblokken werken, er ook volledig automatische pelletkachels en massakachels (in steen) bestaan.

5. Warmtepomp

Warmtepompen (of thermodynamische verwarmingssystemen) maken gebruik van een technologie die het mogelijk maakt om met behulp van elektriciteit warmte uit omgevingslucht, water of de grond te halen en deze warmte in de woning te verspreiden om de woning te verwarmen.

Een warmtepomp is dus een verwarmingssysteem dat gedeeltelijk een beroep doet op hernieuwbare energiebronnen, aangezien het systeem weliswaar elektriciteit verbruikt, maar slechts in geringe mate.

Een thermodynamische verwarming is bovendien volledig betrouwbaar en maakt het mogelijk om aanzienlijke besparingen op fossiele brandstof te verwezenlijken.

Een goede frituurolie kun je minstens 15 keer gebruiken

Documenten :


Meer weten